Feestelijke oppensioenstelling van Eric Donckier van HBVL – C-mine Compressorenhal

Vrijdag 2 Juni 2017

Meneer Donckier,
Beste Eric,

Het is een fantastisch feest dat ge hier hebt bijeengebracht: ministers, parlementairen van alle strekkingen, de hele pers, de gestelde lichamen, … Ik ben toch wel onder de indruk.

Maar het kan toch niet dat gij op pensioen gaat zonder een positief aandenken aan de mijnwerkers. Daarom zijn we met een kleine groep gekomen als vertegenwoordigers van alle Limburgse Mijnwerkers, Oost en West. Hoe dan ook hebben wij mee uw carrière bepaald en eerlijk gezegd, gij ook de onze, omwille van de invloedrijke artikels in Het Belang Van Limburg. Gij hebt er voor gezorgd dat ons lampje, de mijnlamp is blijven branden.

Wij waren het vaak niet eens met U, want ge hebt eigenlijk de sluiting van de koolmijnen mee mogelijk gemaakt.  Veel mijnwerkers zochten hun informatie in uw krant op momenten dat ze keuzes moesten maken voor een vertrekpremie. Die informatie was trouwens beter dan die we op de mijn kregen. Een pluim daarvoor! De belangrijkste krant van Limburg had en heeft nog altijd heel veel invloed onder ons allemaal.

En ge hebt het heel vaak ook echt opgenomen voor Limburg als journalist en politiek commentator. Ge hebt vaak voor éénheid gepleit. Daarvoor zijn wij U erkentelijk. Wij mijnwerkers zijn te lang verdeeld geweest in mannen van het oosten en mannen van het Westen. Dat is nu echt verleden tijd. Ik ben vandaag naar hier gekomen als symbolische vertegenwoordiger van alle mijnwerkers. Wij willen verder meewerken aan de toekomst van Limburg. Het nieuwe Limburg, waarvan gij het eerste steentje hebt gemetseld.

En zoals uw rol met het op pensioen gaan volgens ons niet zal uitgespeeld zijn, zo is ook onze rol niet uitgespeeld:

  • Wij zetten ons nog elke dag in voor het behouden en het waarderen van de mijngeschiedenis die aan de basis ligt van de rijkdom van het Limburgse volk
  • Wij zetten ons nog elke dag in om aandacht te vragen voor de mogelijkheden die onze bodemrijkdom nog altijd te bieden heeft

Tussen haakjes: er zit nog 600 miljoen ton hoogwaardige steenkool onder onze voeten. Steenkool die niet moet dienen voor de staalnijverheid of de energieproductie, wel voor chemie!

Wij hoorden Bondskanselier Angela Merkel deze week nog zeggen dat Europa haar lot weer in eigen handen moet nemen. Er zijn vandaag technieken om steenkool hoogtechnologisch te winnen en zo in Limburg een nieuwe chemische nijverheid te maken. Met een nieuwe generatie pioniers. Goed werk betekent welvaart voor velen en een mooie toekomst voor Limburg. Dus ik denk dat het verhaal van Limburg en zijn steenkool nog niet ten einde is. Wij hebben de steenkool in Limburg. Dit in tegenstelling tot Vlaanderen, dat vaak aasde en misschien nog aast op de uitgespaarde gelden van de mijnwerkers. De Limburgse media moeten daarvoor alert blijven. Wij rekenen daarvoor ook op uw opvolgers.

Misschien volgt gij en de anderen in deze zaal ook Facebook, waar nu bekend gemaakt wordt dat het door de acties en het lobbywerk van mijnwerkers is dat de reconversie en LRM en andere succesverhalen er gekomen zijn. Wij lezen dan ook met veel genoegen dat men, 20 jaar na de lancering ervan, het KOLENSPOOR eindelijk gaat zien als het zinvolle en verbindende reconversieproject. En eindelijk is er ook aandacht van het beleid voor het erfgoed van de koolmijnen. Misschien wordt er toch nog recht gedaan aan de geschiedenis.

Daarom hebben we voor U ne ferme symbolische cadeau meegebracht: een schild met alle vroegere koolmijnen erop én een originele mijnlamp.

Ons vuur zal nooit doven! Wij wensen U, Eric Donckier, hetzelfde toe!

Jean Ooms, namens alle mijnwerkers van Limburg

HBVL 3 Juni 2017

Limburgse Reconversie Maatschappij – Oprichting

Oprichting van de Limburgse Reconversie Maatschappij.

Bij de naweeën van de sluiting is er met (veel) geld gemorst. En inderdaad, daar is niks van terecht gekomen bij de mijnwerkers die er in eerst instantie recht op hadden (van de enveloppe van 28 Miljard Bef is er dan ook maar 7 miljard Bef voor de sociale enveloppe gebruikt). De blinkende “knikkers” van Thyl Gheyselinck hadden blijkbaar zo een grote aantrekkingskracht dat de rede niet meer gevolgd werd.

En nog steeds zijn er die het “verdeel en heers”- stramien waarbij Oost en West afzonderlijk aangepakt kon worden, aanhangen. En dan verwijten spuien op diegenen die uiteindelijk het heft in handen moesten nemen, namelijk de werkleiders van Beringen en Zolder, samen met hun opzichters.

Van in 1986 zagen wij met lede ogen hoe het strijdsyndicalisme van bepaalde “syndicale délégués” niks anders deed dan mensen tegen elkaar opzetten, vergeefs wekenlang staken, beletten dat wij het woord namen (ja, in tegenstelling wat menigeen denkt waren wij op cruciale momenten in het oosten maar onze strategie werd weggehoond) en met knokploegen mensen (ook van ons) in elkaar slaan die het goed voor hadden met de mijnwerkers.

Wij zijn dat NIET vergeten, wij hebben toen ook duidelijk gezegd dat dat niet de weg naar een goed resultaat was. Diegenen die naar ons geluisterd hebben, en een keuze maakten om naar het Westen, naar ons, over te komen, zullen getuigen dat wij hen met open armen verwelkomden. Diegene die de keuze maakte om dat niet te doen, kunnen nu enkel “hadden we maar…) zeggen en best op hun woorden letten. Achteraf over alles en nog wat gif spuien is heel goedkoop en gemakkelijk. Bekennen dat ze zelf een fout van formaat gemaakt hebben, is blijkbaar veel moeilijker. Voor ons blijft een mijnwerker een mijnwerker, iemand waarvoor wij de handschoen opnemen. Elke mijnwerker verdient ook ons respect, oost of west, of hij voor de knikkers koos of niet, wij veroordelen niet en begrijpen de frustratie en hopen dat we na zo vele jaren die door anderen opgelegde verdeeldheid kunnen afschudden.

Maar ook al in 1993 hadden wij door dat als wij niets deden, de centen die over gebleven waren van de sluiting, zouden verdwijnen. Wij allemaal, en onze provincie Limburg, zouden hier de dupe van gaan worden. We maakten ons geen illusies. De enige manier om deze gelden ten voordele van Limburg en haar inwoners (waaronder vele werkloze ex-mijnwerkers) te laten gebruiken, was om mee te werken aan nieuwe structuren. Structuren, uitgetekend door de Werkleiders van Beringen en Zolder! Deze nieuwe structuren resulteerden in de geboorte van de LRM. Het startkapitaal waarover de LRM kon beschikken en de uitstekende beheerders die aangeduid werden om deze taak uit te voeren kunnen een schitterend resultaat voorleggen. Die cijfers hebben we al gepubliceerd en kon je ook nalezen in de pers. Daar zijn we ook fier op en dat kan men ons niet afpakken…

 

Aansluitend enkele documenten die de structuren en geldstromen mbt de LRM verduidelijken

Het net sluit zich…

Gelukkig hebben we nog vele vrienden, die ons ook bijstaan als het wat moeilijker gaat. Diegenen die ons geen goeds toewensen wezen hierbij gewaarschuwd, de kolen worden al opgewarmd. Eigenlijk zou je denken dat ze ondertussen wel weten wat een mijnwerker is. Iemand voor wie een gegeven woord een woord blijft, iemand die bereid is alles te riskeren om zijn maat te helpen, iemand die direct klaar staat om zich te verzetten, als men er de aanval op inzet.